Het weer zat mee, vele vrijwilligers die de handen uit de mouwen staken om alles tot in de puntjes te verzorgen, veel volk, kortom het veertig jarig priesterjubileum van onze pastoor, Jaak Hermans, was een succes. Dit is de feestrede, gevolgd door enkele sfeerfoto’s.
Beste Jaak, Beste mensen,
Morgen, precies veertig jaren geleden, op 21 september 1975, werd je tot priester gewijd door Mgr. Heusschen, de toenmalige bisschop.
Priester worden doe je niet zomaar. Er zit een degelijke voorbereiding aan vast. Van het klein seminarie over het groot en dan richting universiteit Leuven. Geschoold in theologie en filosofie.
Na je wijding werd je in ‘75 eerst kapelaan in de St.-Catharinawijk te Hasselt, vervolgens verantwoordelijke voor de dienst catechese van het bisdom. Het vormsel is, samen met het doopsel en de eerste communie, een initiatiesacrament dat je hoog in het vaandel draagt, waarvoor je alle registers opentrekt opdat de kinderen, jongeren en volwassenen mogen ervaren dat onze parochie een onthalende, gastvrije en hartelijke parochie is, dat onze federatie uitnodigt, maar ook dat Jezus ze omhelst en verwelkomt.
Vervolgens werd je pastoor in de Banneuxwijk te Hasselt. Niet lang daarna werkte je vele jaren als ziekenpastor in het ZOL te Genk. Dat was meer dan een job voor jou. Ziekenhuispastoraal omvat heel veel: ondersteunen van patiënten, familieleden, dokters en zorgverleners, het betekent ook durven loslaten en bijstaan in de palliatieve zorgen, kortom een beeld geven van een meevoelende kerk. Een veelomvattende opdracht die je met hart en ziel hebt uitgeoefend.
Daarna werd je deken van de regio As – Opglabbeek – Zutendaal en Genk. Je verbleef eerst in Waterschei, maar sinds enkele jaren is Winterslag jouw uitvalsbasis geworden, en geloof me, we laten je niet snel gaan.
Priester worden is ook een roeping, een gevoel dat je bestemd bent voor een bepaalde taak, maar het is evenzeer ook het werk van de Heilige Geest. Of zoals onze paus Franciscus het uitdrukt: ‘Het gaat erom zichzelf nederig aan te bieden, zoals klei dat gevormd wordt, opdat de pottenbakker – God – het met water en vuur zou bewerken, met het Woord en de Geest.’
En zo komen we naadloos bij jouw hobby’s. Hobby’s waarvoor je alsmaar minder tijd hebt. Vroeger speelde je actief voetbal, vernam ik, tegenwoordig is het meer passief kijken en je misschien verwonderen of opwinden om de prestaties van KRC. Maar er is ook klei bewerken, potten bakken, je kneedt en geeft vorm.
En misschien is dit meteen ook een mooie verwijzing naar je taak hier. Je boetseert als het ware, samen met heel veel actieve mensen, aan onze parochie, aan onze federatie Genk-West. Je bent een vriend tussen de mensen, zoals de kaars op het altaar vermeldt. Je helpt de parochie, de federatie vormgeven. Je plant af en toe richtingaanwijzers. Vorige week nog hoorden we in de eerste lezing: ‘Wat baat het een mens te beweren dat hij geloof heeft, als hij geen daden kan laten zien.’ We weten dat je de minsten onder ons, de mensen die in armoede leven, diegenen die de laatste tijd dag in, dag uit in het middelpunt van het nieuws staan, de vluchtelingen, dat je hen diep genegen bent. Dat je mee wilt werken aan een mooie toekomst voor iedereen, een toekomst waarin ons ‘kerk-zijn’ een belangrijke rol speelt. Jaak, ik weet zeker dat ik in naam van allen hier aanwezig, mijn dank mag uitspreken voor alles wat je voor je parochie, je federatie, je dekenaat en haar mensen betekent. Wij hopen – en vermits de pensioenleeftijd voor priesters wat hoger ligt dan die van ons – wij hopen dat je nog lang in ons midden zal zijn, wetende dat je er niet alleen voor staat.
Jaak, een dikke proficiat en nog eens heel veel dank.





















Geef een reactie