Op 11 september gaven we met de parochieraad het startschot voor een nieuw werkjaar. Het belooft een interessante periode te worden in 24-25, gezien de paus een jubeljaar heeft afgekondigd, startende op Kerstmis van dit jaar. Pelgrims van Hoop is de leuze die eraan gekoppeld is. Binnen het dekenaat werd er al de afspraak gemaakt om reeds nu al wat voorbereidend werk te doen zodat we als parochianen met Kerst helemaal klaar zijn voor een jaar vol Hoop.
Zoals in elke werkgroep gaat de start van een werkjaar meestal gepaard met een hele lijst aan belangrijke data die op de planning staan. De dag van de chronisch zieken, een concert in onze kerk, het feest van de Schutterij, Allerheiligen, het feest van Sint-Cecilia, de aankomst van het Vredeslicht in december. Alles werd zorgvuldig overlopen en ingepland.
Ook de Eerste Communie en het Vormsel kwamen al aan bod. Die feesten liggen nog even in de toekomst, maar de voorbereidingen ervan niet. De catechisten en medewerkers in de scholen bereiden de weg die de kinderen zullen afleggen nu al voor.
Tot slot war er ook tijd om te vieren. Geen hoogdag van een heilige, maar de verjaardag van pastoor Tjeu! Met een lekkere taart, voorzien van kaarsje en bijhorend gezang konden we ook hem even in de spreekwoordelijke bloemetjes zetten.


15 september was het dan tijd voor de eerste eucharistieviering van onze parochie. Ook hier werd het jubeljaar al ingeleid en kort besproken.
Onze wekelijkse afspraak in de kerk doet – voor mij althans – elke keer weer deugd. Het is een plek van even tot rust komen en herbronnen. Even dicht bij de Vader komen en gewoon ‘er zijn’. Even geen drukke agenda, niet nadenken over wat we straks zullen eten, maar een samenkomst met gelijkgezinden om Hem te aanbidden. I.p.v. een inwaartse beweging naar onszelf, de ‘ik’ die wil scrollen op sociale media, de ‘ik’ die nu, onmiddellijk, een fijn gevoel wil hebben, de ‘ik’ die elke vlaag van verlangen bevredigd wil zien, zijn we hier om naar buiten te treden. Letterlijk door onze zetel even te verlaten en naar de kerk te komen, maar ook figuurlijk om ‘er te zijn’ voor elkaar en – bovenal – voor Hem. Het is op deze plek dat misschien wel de grootste voldoening te vinden is. Niet in het naarstig zoeken naar bevrediging van eigen verlangens, maar in het bijstaan en ondersteunen van anderen. Samen zijn en samen vieren is precies toch van een ander niveau dan die laatste actie scoren op bol.com.
In ons jubeljaar, waarin we worden uitgenodigd om Pelgrims van Hoop te zijn, is dat naar buiten treden belangrijk. Abraham, onze eerste en misschien wel grootste pelgrim, wordt erop uitgestuurd door God om zijn thuisland te verlaten en op weg te gaan naar het Beloofde Land. Een pelgrim wilt ergens naar toe, heeft een doel voor ogen. Hij doet dit ook vanuit een hogere roeping. Dit is geen plezierreisje naar een strand met cocktails en lekker eten, dit is een bewuste keuze voor een lange reis met misschien minder luxe, maar des te meer verbinding. Het is trouwens ook de weg, het pad op zich, dat net uitnodigt om dit avontuur aan te vangen. We vertrekken vanuit de Hoop dat het onderweg zijn, mensen en gebeurtenissen op ons pad zal brengen die ons leven zullen verrijken en ons pad zullen vormgeven. Een beetje zoals het leven zelf. Toch onderscheid een pelgrim zich wel degelijk van iemand die ‘zomaar’ op reis is. We dragen de hoop van het geloof mee, Christus die altijd bij ons is en ook ons pad zal vormgeven als we Hem ertoe de gelegenheid geven. Bangelijk, te weten dat Hij met ons meegaat. Een beetje zoals de twee reizigers op de weg naar Emmaus die zonder het initieel te weten God mogen ervaren.
Maak je dus klaar, beste medepelgrim. Er staat ons een boeiende reis te wachten! Grijp je staf en je tas met brood, bind je sandalen en sla je mantel om. Hij roept ons om samen op weg te gaan.



